Home » Mijn Labradoodle

MIJN LABRADOODLE

 

Latro is een Australische labradoodle medium maat. Ze is geboren op

26-1-2013 bij Cobbers Charm in Leeuwarden. Nooit had ik gedacht een hond als huisdier te hebben, maar van deze doodle heb ik geen seconde spijt gehad.

V.l.n.r. Doezel, Kyra, Moshe, Kim, Ruby en Latro

 

De middelste 4 Australian Labradoodles wonen bij Annelies http://www.cobberscharm.nl en zijn familie van Latro. Doezel is haar zwarte halfzus!

 

 

Watje

 

Latro is vorige week 3 jaar geworden (21, dus ‘oud’ volgens de kinderen).

Ik bekeek de foto’s van toen ze nog bij de fokster was, 6, 7, 8 weken oud. Op een paar foto’s zie je dat ze lekker in een hoekje ligt, met haar rug naar haar broer en zusjes toe gedraaid.

Die houding vinden we nu, drie jaar later, erg kenmerkend voor haar.

Zichzelf afschermen voor andere honden. Het liefst in een grote boog om ze heen lopen, piepen als er een op haar af komt gerend en lijkt ‘aan te vallen’.

 

Van Cesar Millan heb ik geleerd dat je je als baas bewust moet zijn van wat je zelf uitstraalt.

Ik ben me erg bewust daarvan, té bewust soms. Dat zal Latro zeker aanvoelen.

Ik heb hiervóór nooit een hond gehad en moest wennen aan op ons afrennende enthousiastelingen.

Maar ik kijk er nu niet meer van op en zeg alle honden vriendelijk gedag.

Maar Latro niet. Die verstopt zich achter mij.

En omdat ik geleerd heb nooit te ‘troosten’ op zo’n moment, is ze slim genoeg om bescherming te zoeken bij de baas van die andere hond. Die wil haar maar al te graag aanhalen, telkens weer!

Op deze manier komt Latro bijna nooit tot spelen met andere honden. Het lijkt wel of ze de gedragscodes niet kan ‘lezen’. Maar misschien kan ze ze juist extreem goed lezen, en bevallen andere honden haar gewoon niet.

 

En daar komen we bij haar baas aan: moi.

Ik scherm mezelf ook af, maar dan voor mijn eigen soort. Ik loop graag in een boog om mensen heen. Gelukkig piep ik niet als ik word aangevallen, hoewel…ik schrijf er verhaaltjes over.

Oké Cesar, je hebt gelijk dat ze mijn uitstraling voelt. Maar juist dankzij mijn hond treed ik mensen makkelijker tegemoet, dat dat weer wel. Dat zou toch een mooi voorbeeld voor Latro moeten zijn?

En toch heeft die doodle mij gewoon door: Als jij zo doet, doe ik ook zo.

Lekker puh. Watjes zijn we.

 

Wandelen met familie

 

Vanuit Noord-Brabant waren we afgereisd naar het Hoge Noorden om kerst bij opa en oma te vieren.

Het toeval wil dat Latro uit Leeuwarden afkomstig is, om de hoek bij opa en oma.

Ik stuurde een berichtje naar Latro’s fokster en ze vond het meteen leuk om af te spreken in een wandelgebied dat De Deelen heet.

 

Latro kon weer lekker spelen met Kyra-haar moeder-, Kim-haar zus-, Ruby-haar halfzus- en Moche-haar ‘stiefvader’-.

Ik zeg ‘spelen’ maar Latro is eigenlijk niet zo speels. Ze keek de kat uit de boom en hobbelde vervolgens lekker met de andere doodles, maar vooral met de mensen mee.

Annelies en ik hielden niet op met kletsen over de honden en ik liet herhaaldelijk weten hoe leuk ik het vind om Latro’s familie te zien. Annelies heeft last van het empty-nest-syndroom omdat ze deze week haar 9 puppy’s een goed tehuis heeft gegeven. Maar dat is niet bij haar, helaas. Ze was zo verstandig om het bij vier eigen doodles te houden, anders werd het wel erg druk in huis en in de auto.

 

Latro’s zus Kim krijgt haar eigen leven beetje bij beetje terug nu ze haar puppy’s gedag heeft gezegd.

Ze was tijdens de wandeling lekker speels. Ze droeg wat minder gewicht en wat minder vacht mee na de bevalling, maar dat groeit allemaal weer aan.

Ik blijf me verbazen over het feit dat ik voor ik Latro had, niet veel om honden gaf, en dat ik nu niet ophoud erover te praten. Vooral natuurlijk dankzij de Australische Labradoodles.

Latro wordt bijna 3 jaar, volgens mijn kinderen 21, maar gelukkig gaat zij het huis nog niet uit.

Ik kan haar nog lang niet missen!

 

 

 

Latro op bezoek bij haar moeder

 

Onlangs ben ik met mijn twee kinderen spontaan op bezoek gegaan bij Latro’s mama Kyra en haar bazin Annelies.

Bijna aan het andere eind van de wereld, ergens in Friesland, logeerden we bij opa en oma en vroeg ik de fokster of we op bezoek mochten komen nu we tóch in de buurt waren.

Annelies was enthousiast om ons en haar ‘pupil’ Latro terug te zien. Bijna drie jaar geleden is het al dat zij het doodle-nest verliet.

Latro werd verwelkomd door haar moeder Kyra, haar zus Kim, haar halfzus Ruby en haar stiefvader Moche. Stuk voor stuk prachtige, lieve en rustige doodles. De roedel enthousiastelingen boezemde Latro angst in, zoals altijd als ze ‘nieuwe’ honden ontmoet. Dit roedeltje deed echter alsof Latro er gewoon bijhoorde en toonde haar het prachtige landschap van Friesland.

Toen Latro een pup was en nog onder de vleugels (flaporen) van Kyra woonde, leek haar moeder met 57 cm schofthoogte een reuzin voor ons! Nu Latro volgroeid is en wij Kyra na lange tijd weer zagen, leek ze wel een dwerg!

Latro is bijna net zo groot als haar moeder; wat kan er veel veranderen in korte tijd!

Op Facebook zie ik regelmatig berichtjes terug van enkele van Latro’s zusjes.

Ze heeft zelfs een Duitse broer…

Ik blijf het prachtig vinden om Latro’s familie te zien en te weten van wie ze afstamt, wie in het begin voor haar gezorgd heeft en of haar karakter ook bij de andere honden terug te zien is.

Bedankt Annelies van Cobbers Charm, dat je zulke prachtige honden ‘voortbrengt’. Wij zijn voor altijd fan van de Australian Labradoodles!

 

 

Hond lijkt op baas

 

Leuk hè, dat onze doodle op ons (mensen) lijkt?

Volgens mij ben ik wel de enige doodle-eigenaar zónder een doodle-kapsel (heb erg steil haar).

Dat is natuurlijk een grapje, maar ik zie genoeg baasjes met een even weelderige haardos als hun geliefde viervoeter.

Maar ga eens even na bij je eigen doodle. Welke trekjes heeft je hond van jou overgenomen of andersom?

Het verhaal van de kip en het ei. Ik weet niet eens meer wie van ons tweeën begon met andere mensen/honden 'ontlopen' uit onzekerheid.

Latro is overigens wél gek op andere mensen, maar niet zo gek op haar soortgenoten. Die kan ze nog steeds moeilijk inschatten. Willen ze spelen, met haar mee rennen, haar pakken, achterop klimmen? Iedere keer zie ik haar twijfel en onzekerheid. Dezelfde kenmerken die ik heb als ik andere mensen tegenkom die ik niet ken. Nou kamp ik natuurlijk met ander vragen dan mijn hond. Ik denk niet direct dat de ander mij wil pakken, maar probeer wel in te schatten of diegene zijn hond wil laten spelen of snel door wil lopen. Ik observeer het baasje ook in sneltrein-tempo om in te schatten hoe zijn hond zich zal gedragen. Ik lijk er steeds beter in te worden.

 

Hoe Latro haar onzekerheid oplost?

Het liefst zit mevrouw boven op haar grasheuvel, uitkijkend over het park en inschattend hoe de andere hond zal reageren. Zit de ander aan de riem vast, dan is Latro plotseling de zekerheid zelve.

Soms danst ze dan om de ander heen, die zichzelf vervolgens verstikt om bij Latro te kunnen komen.

Hoewel ik haar op verschillende plekken uitlaat, herkent ze de andere honden op den duur wel.

Haar allerliefste speelmaatje is een ADHD-Markiesje (in mijn ogen een ‘teckel’) met de pocherige naam Brutus, die zó ongeremd en (speels) opdringerig is, dat Latro hem direct accepteerde. Ze kon bijna niet anders, Brutus gaf te kennen van geen ophouden te weten. Van grote afstand gaan ze beide plat op de grond liggen wachten wie de eerste stap neemt. En dan is het marathonrennen en stoeien geblazen.

Had Latro dit maar met meer honden. Na een lange zomervakantie kwam ik gisteren het baasje van Brutus tegen (die net als ik niet héél gauw op anderen afstapt). Ze zei precies dátgene wat ik had willen zeggen, namelijk: “Oh, wat hebben ze elkaar gemist, andere honden willen niet zo graag met Brutus spelen als Latro.”

Ongelooflijk, dat zo’n ‘watje’ als mijn doodle, toch helemaal los kan gaan met een andere hond. Gelukkig zal Brutus altijd kleiner blijven dan Latro. Deze ‘teckel’ kan ze gelukkig aan. Zij blij, ik blij. Wat lijken we toch op elkaar.

 

 

Kan ik een hond bieden wat hij nodig heeft?

 

Op internet las ik een leuk en nuttig artikel over honden.

Over het wel of niet aanschaffen van een hond wel te verstaan.

Ruim twee jaar geleden kozen wij voor onze Australische Labradoodle en ik zou niet meer zonder haar kunnen. Een vriendin merkte zelfs op dat ik mijn ‘soulmate' gevonden heb, kun je nagaan.

Natuurlijk had ik me flink ingelezen in de wereld van de hond.

En hondenfluisteraar Cesar Milan gaf ook vele nuttige tips in zijn programma’s.

Ik wist weinig tot niets over honden. Ik moest niet veel van ze hebben. Zij ook niet van mij, dacht ik altijd. Maar nu begrijp ik dat ik altijd ‘afwijzend’ was en dat honden dat aanvoelen.

Terug naar dat artikel. Puntsgewijs vertelt de schrijfster wat een hond nodig heeft en ik kon afvinken af wat ik goed doe. Ik hou namelijk van lijstje en het afwerken daarvan.

De belangrijkste punten die me bij zijn gebleven zijn de volgende:

 

  • Een hond is een roedeldier en wil gewoon graag bij je in de buurt zijn.

Ik neem dit wel vaak erg serieus, want ik heb enige moeite om Latro thuis te laten als ze echt een keer niet meekan. Ik heb op dit moment geen werk buitenshuis dus ik kan vaak voldoen aan deze eerste behoefte van de hond.

  • Een hond is totaal afhankelijk van zijn baas.

Ik voel me erg verantwoordelijk voor Latro, wat ik natuurlijk ook ben. Als ze me aankijkt bedenk ik gauw wat ze zou kunnen willen. Aandacht, een snoepje, moet ze alweer uit?

  • Een hond is conflictvermijdend..

Ha, mooi, ik ook! Een hond heeft positieve aandacht nodig en straffen helpt niet. Het zijn echt net mensen

  • Honden zijn sociale slapers. Ze kunnen slaaptekort oplopen als ze alleen slapen en zich niet helemaal veilig voelen.

Dat zal inderdaad best, maar Latro slaapt beneden, op haar kussentje of op het kleed of de vloer, maar niet bij ons in de slaapkamer.

  • Honden zijn jachtdieren. Je kunt ze beter niet vermanen of afleiden als ze achter een konijn aan willen gaan. Dat zit er nu eenmaal ingebakken, bij het ene soort wat meer dan bij het andere.  

Ik probeer het wel, maar besef dat boos worden geen zin heeft. Ik moet vooral goed opletten dat ze de weg niet oprent achter een konijn of kat aan, want dat is één keer gebeurd.

Bij het kopje ‘fysieke en mentale uitdaging’ fronste ik wel even, omdat ik daar onzeker over ben. Zorg ik daar wel genoeg voor? Onze hond komt niks tekort.

Laat ik tot de conclusie komen dat ik het goed doe. Zelfs een beetje overdreven.

Want hoe kun je nou niet gek zijn op een Australische Labradoodle? 

Verliefd misschien zelfs?

 

Zie hier het betreffende artikel

 http://www.dierbewust.nl/ben-jij-geschikt-voor-een-hond/

 

Doodle Update

 

Ruim twee jaar ben ik nu doodle-ervaringsdeskundige.

Ik leer veel van mijn hond zelf, maar ook van de Facebook’club’ Australian Labradoodles Vriendjes.

 

Herkenning

Vele hilarische, aandoenlijke foto’s passeren dagelijks de revue op mijn computer.

Helemaal geweldig is de herkenning: hé, dat doet mijn doodle ook!

Maar vooral ook: oef, gelukkig, dát doet mijn doodle niet…vooral dingen als spullen slopen, aan de riem trekken en vaak druk doen.

Latro is rustig van karakter –een goede tegenpool van mijn eigen onrustige- en lekker speels als we naar buiten gaan.

Ze is ontzettend lief tegen mensen en voelt het aan als ze geen interesse in haar hebben (wat bijna niet voorkomt). Dan loopt ze er het liefst met een grote boog omheen.

Door haar heb ik geleerd dat het leuk kan zijn om met vreemden te praten, vooral omdat het altijd positief is als we het over de doodle hebben.

Latro moet iets van mijn terughoudendheid aanvoelen als het gaat om benaderen van mensen; bij haar geldt dat voor andere honden. Wel leuk om te zien dat elke hond anders door Latro benaderd wordt. Jeetje, wat kunnen beesten dat goed van elkaar inschatten, zeg. Ik heb geleerd het gedrag van hond én baas in te schatten. Wil de ander spelen/praten of lopen we door? Dreigt er ‘gevaar’ of is de andere hond ook gewoon afwachtend?

 

Verzorging

Ik heb in de afgelopen twee jaren geleerd over hondengedrag en vooral ook verzorging.

Het komt er op neer dat Latro ongeveer één keer per maand geborsteld wordt, daarna door mijzelf geknipt (en dat pak ik niet erg grondig aan, hoor) en een paar keer per jaar onder de douche gaat. Zonder de ‘waterblazer’ kunnen we niet. Voor de grap richtte ik de föhn op de monden van mijn man en kinderen, nou dan krijg je hilarische taferelen hoor!

Het ding blaast alle water en zand uit de poten van de hond en voorkomt ook klitten. Gevolg: geen vuil in huis en een gezonde vacht voor Latro.

 

Informatief

Op de FB-pagina kom ik natuurlijk ook vervelende (maar wel informatieve) dingen tegen zoals honden die ziek zijn of een operatie nodig hebben. Terwijl ik het allemaal lees hoop ik dat het onze hond niet overkomt en wens ik in stilte iedereen sterkte toe.

Latro heeft als ‘mankement’ dat ze na twee jaar nog steeds vreugdeplasjes doet. Als iemand haar met hoge stem (en dat doet bijna iedereen automatisch) dan laat ze het lopen, variërend van een paar druppels tot bijna een hele plas. Het zou medisch kunnen zijn, maar ook aangeleerd of in ieder geval: niet afgeleerd.

Ik vind het leuk als jij als lezer van dit stukje een reactie achterlaat op mijn FB-pagina, zodat ik weet wat je van dit verhaal vindt.

 

Ik schrik!

Is jullie doodle af en toe ook zo’n ‘watje’?

Misschien komt het omdat Latro een meisje/teefje is en nooit haantje-de-voorste-is geweest. Ik vind haar schrikachtig en de ene week is het erger dan de andere.

 Relax

Latro is nu bijna twee jaar en nog steeds een heerlijk relaxte hond. Dat bleek ze al in het nest te zijn. Toen wij als gezin aangaven dat we een rustige hond wilden, had de fokster direct Latro op het oog. Samen met het rustige karakter komt misschien wel haar angstige karakter. Als er een andere hond op haar afkomt, zal ze in eerste instantie wegrennen. Meestal komt ze uit nieuwsgierigheid gauw terug en zet ze zich enigszins over haar angst heen. Omdat wij bij de puppycursus geleerd hebben haar niet aan te halen en te ‘troosten’, heeft madam een slimme manier gevonden om toch beschermd en geaaid te worden.

Jawel, door de baas van de andere hond; ze krijgt het altijd voor elkaar. Gelukkig schatten andere mensen het wel goed in en wachten ze met aaien tot ze niet meer zo bangig doet.

 Lantaarnpalen

Ik ontdekte onlangs een nieuwe angst bij Latro. In één klap werd ze bang voor de lampen van lantaarnpalen. Ze liep er met een grote boog omheen terwijl ze omhoog bleef kijken. Soms blafte ze ernaar, uit het niets. De dierenarts opperde dat ze door dat vele doodle-haar misschien niet zo goed zag en opeens die lichtballen ontwaarde. Ik vind het eigenlijk wel hilarisch. Zoiets verzin je toch niet?

 Vuurwerk

Vorig jaar beleefde Latro haar eerste Oud en Nieuwfeest inclusief vuurwerk. We hadden geleerd dat je zelf niet paniekerig moest gaan doen bij harde geluiden en dat hebben we altijd nageleefd. Gelukkig viel de angst voor het vuurwerk mee. Ze leek de lichtjes wel interessant te vinden. Toch ben ik benieuwd hoe het dit jaar gaat. Ze is wat schrikachtiger geworden. We blijven lekker met ons gezin thuis en zullen haar het vuurwerk laten zien en horen. Kijken hoe het bevalt.

Latro kan ook schrikken als je haar onverwacht aait, vooral bij haar kontje.

Ach ja, het blijft een meisje, hè. Nu is het bekend dat labradoodles goed de gemoedstoestand van hun baasje(s) aanvoelen. En inderdaad, ikzelf ben ook schrikachtig en kan bijvoorbeeld niet tegen veel en harde geluiden en (fel) licht, enz. En als je aan m’n kont zit…

 

 

Het trauma van mijn doodle                                       

Overal nemen we onze (destijds) 18 maanden oude doodle mee naartoe. Deze keer mee op vakantie naar Frankrijk. Op de achterbank tussen de kinderen van 7 en 9 jaar in. Past allemaal net, want ze is een medium maat en dat is de auto ook. Latro hoeft maar even te wennen aan deze reis maar bovenal geldt: waar het gezin is, dáár is de plek om gelukkig te zijn. Bestemming: Dordogne. Relaxen in de voortent en slapen bij de baasjes in de caravan, gewoon op een kussen op de grond. Veel wandelen, aangehaald worden door lieve campingkinderen die graag aaien,  een heerlijk kabbelend riviertje voor de deur; Latro vermaakt zich opperbest.

Tot die ene vreselijke beslissing van het gezin: ‘gezellig’ op een oud treinspoor met een soort treinfiets het leven van een relaxte hond tot een hel maken. Maar daar worden wij ons pas later van bewust. De folder belooft een ‘ontspannen tochtje’ en eerlijk is eerlijk: daar staat niet bij dat dat ook voor honden geldt. Aangezien wij haar overal mee naartoe nemen vinden we het een fijn idee dat Latro gewoon in de treinfiets mee kan. Voorin het karretje twee zadels met fietspedalen, achterin een stoffen bankje voor twee man en een hond. Een rugzak op de grond met een fototoestel, flesje water, wc-papier en wat eten; spulletjes die van ‘levensbelang’ zullen blijken.

De avondzon geeft prachtig licht en niets staat een mooi tochtje in de weg. O nee? Latro zit tussen de kinderen in op het bankje maar kan haar draai niet vinden. Weet zij wat komen gaat? We krijgen de instructie om onze voorgangers niet te dicht te naderen. We hoopten lekker te kunnen fietsen maar het spoor maakt slechts een kilometerlange afdaling. Het enige wat we moeten doen is ijzer op ijzer laten schuren: remmen! Ik kan persoonlijk totaal niet tegen harde schelle geluiden, dus probeer je voor te stellen wat een hond hoort! Ondertussen zitten de kinderen op de zadels zodat wij ons samen om de hond kunnen bekommeren. De kinderen vinden het heel erg om die herrie te moeten maken, maar ze kunnen niet anders. We mogen immers de mensen voor ons niet overrijden! Het geluid van de remmen is zó overweldigend dat Latro in de hals van mijn man probeert te klimmen. Deze probeert zich niks aan te trekken van de talloze krassen op zijn lichaam. De hond is zielig, niet wij. Gestreste kinderen, een angstige hond, kan het nog erger?

Ja, dat kan. Latro poept in de armen van mijn man het hele bankje vol. Mooi gevormde glanzende drollen, dát dan weer wel. Wat had ik ook alweer in mijn tas zitten? Dat fototoestel doet er even niet toe, maar wat ben ik blij met water en wc-papier. De poep is toch zachter dan ik dacht want ik smeer het bijna over de hele bank uit. En over mijn mans benen en mijn eigen broek. Zie je het voor je? Een volle vaart ‘downhill’, piepende oorverdovende remmen, twee kinderen die alles doen om de herrie tot een minimum te beperken, een man onder de krassen met een bange doodle in zijn nek en een vrouw die met water en rullend wc-papier een bankje probeert te poetsen. Chaos compleet. Na een afdaling die uren lijkt te duren (feitelijk is het misschien drie kwartier) zijn het papier en water op, maar is de bruine substantie nog te zien en ruiken bovendien.

Wat nu? We komen vol gas aan op een Frans stationnetje waar ons een ‘warm’ welkom door een toneelgroep wacht. Daar zijn we echt voor in de stemming ja! Mijn Frans kan er mee door, maar verder dan het verstaan van: ‘Ah quel surprise, un chien!’ kom ik niet. Ik probeer angstvallig de vlekken in de bank te verstoppen door er voor te gaan staan. Ik kan toch niet door deze blije ontvangst heen roepen dat er gescheten is in het karretje! Doodsbenauwd klimmen we onhandig, met rode hoofden, uit het vreselijke rijtuig dat vanzelf verder rijdt. We bidden dat het snel zal regenen zodat het bankje schoongespoeld zal worden. Natuurlijk schamen we ons voor de vervuiling. Maar heb ik niet alles gedaan om de schade te beperken? Toch zijn we niet bij de pakken neer gaan zitten; we hebben tijdens het toneelstukje op het station heel hard gelachen om ons ‘ontspannende ritje op de ‘vélorail’. Dit was eens maar nooit meer. Zelfs niet zónder hond.Ik heb me later telkens afgevraagd of Latro een ‘tik’ zou hebben meegekregen van deze dollemansrit. Het antwoord kreeg ik luid en duidelijk. Toen ze uitgelaten werd en bij een muurtje plas van andere honden rook, tilde ze aarzelend een poot op om als REU te gaan plassen. Totaal van de kaart deze hond!

Een dag uit mijn hondenleven                     

‘Latroooooo!’ Ja, hallo mensen, dat ben IK. Latro, een hond; een Australische labradoodle van 20 maanden oud. Is me verteld, want ik zou het zelf niet weten. Gelukkig. Dat is mijn zorg ook niet.

‘Latroooooo!’ wordt vaak en enthousiast geroepen door mijn baasjes. Vier heb ik er. Eén is mijn favoriet, maar dat ga ik niet zeggen, want dan zijn er drie beledigd. En ik hou van ze, écht! De eerste weken van mijn leven woonde ik in het noorden bij mijn mama, zes zusjes en één broertje. Een vrouw die zelf ook op een doodle leek zorgde voor ons. Allemaal leuk en aardig, maar toen ik opgehaald werd en naar het zuiden reed begon mijn échte leven pas. Omdat ik na 18 maanden in dit huis wel wat gewend ben (zucht) wil ik jullie een dag uit mijn leven laten beleven. Het prachtige hondenleven dat ik echt iedereen aanraad. Behalve misschien een poes. Daar heb ik het niet zo op.

Ik ren achter mijn vriendjes aan, stoei met ze, krijg een lekker snoepje en…‘Hoi Latroooooo, ben je al wakker?’ Ja, nú wel ja, maar ik was heerlijk aan het dromen. Gaap. Ik zal even lekker op mijn rug gaan liggen, poten wijd zodat hij op mijn buik kan aaien. Heerlijk wakker worden zo. Vandaag is het de kleinste van de familie die me het eerst aait. De rest zal snel volgen. Ik geef ze wat likjes en ook kopjes (heb ik van die stomme poezen afgekeken). Volgens mij vinden ze me heerlijk zacht want a) dat hoor ik ze vaak zeggen op een dag en b) iederéén wil me aaien. Ik probeer wel eens ongeïnteresseerd te kijken of een beetje boos, maar kennelijk komt dat niet over want ik word toch wel aangeraakt. Ach ja, daar heb ik me inmiddels bij neergelegd.

Verder met mijn dag. Ik draal wat rond in de keuken, omdat daar altijd wel iets te halen valt. Het grote baasje met de schelle stem laat vaak expres per ongeluk een stukje brood, komkommer of, mijn favoriet, frietje vallen. Aanvallen! Deze ochtend moet ik het doen met een scheutje melk, maar mij hoor je niet klagen. Vandaag moet Ella me uitlaten. Dat staat op een lijstje. Ik hoor haar zuchten als het zover is, maar ze houdt wel van me hoor. Ze heeft dagen dat ze aan één stuk liedjes zingt. Erg leuk, maar niet een hele dag. Ze neemt me mee naar het heerlijk ruikend plein achter het  huis. Het is een paradijs daar. Ik doe waar ik het best in ben: snuffelen. Als ik mazzel heb valt er wat te vreten, maar deze dame houdt me altijd goed in de gaten. Ik ben niet weg van die poezen, maar hun drolletjes daarentegen…Baasje zegt dat ik moet plassen en dat ze haast heeft. Nou vooruit, ik laat me leeglopen vlakbij zo’n ding met streepjes waar mijn plasje in wegglijdt. De kleinste baasjes verzinnen elke keer aan de hand van de vorm van mijn plas waar het ding op lijkt. Ach ja, zij moeten ook wat te doen hebben. Kan ik weer even verder snuffelen.

Binnen wacht ik tot de baas met de schelle stem terugkomt met de auto -gelukkig hoefde ik er vandaag niet in- en weet ik dat we bijna samen op pad gaan. Ik hoop vandaag op het park met de hoogste bomen en de meeste ruimte. Ja, ik heb geluk! Ze belt opa en pakt haar fiets en ik ren mee naar het bos, in de hoogste versnelling van de twee die ik heb. Na aankomst mag ik direct los rondrennen. Heeft ze de bal bij zich? Nee, jammer, dan snuffel ik nog wat harder rond dan anders. Dit stukje park verdient mijn plasje en even verderop, op een groen stukje gras laat ik mijn drollen met een gerust hart achter. Daarna verdwijnen ze in zo’n zakje met lekkere geur. Ik houd mezelf even laag, want ik kan nog niet inschatten wat daar aan komt waggelen. Oh wacht even, deze waggelt niet, dit is die razendsnelle windhond. Ik kan haar amper bijhouden maar ik probeer het steeds weer. Met mijn tong op mijn knieën volg ik baasje en opa verder het park in. Ik zie een konijnenhol. Graven graven, steeds dieper. Waar zijn die krengen toch? Ik graaf zo diep dat mijn kontje rechtop uit de grond steekt. Mooi fotomoment voor mijn baasje. Na een vermoeiende terugweg in de eerste versnelling plof ik neer onder de lange bank. Een heerlijk beschut plekje waar ik met rust word gelaten.

Als ik wakker word zie ik iets voor mijn neus heen en weer gaan. Een kauwbotje. Zo’n lullig ding dat ik zó uit elkaar heb getrokken. Ik zucht even, neem het bot dankbaar aan en ga op het kleed liggen kauwen. Deze middag mag ik de kleinste baasjes ophalen uit school. Eerst mijn behoeftes doen op een stuk zand dat ik inmiddels goed ken. Dan mag ik de berg op- en afrennen, ik kom wat soortgenoten tegen en dan zijn ze daar: mijn kleinste baasjes! Ik word platgeknuffeld maar vind het oké. In de auto zit ik tussen mijn baasje en een ander kind in. Deze versie heb ik eerder ontmoet. Een leuk meisje dat mij goed behandelt. Knuffels en niet teveel commando’s. Thuis lig ik weer op mijn fijnste plek; onder de bank . Vanuit die positie houd ik alles goed in de gaten. Hoor ik geritsel? Dan sta ik klaar in de keuken. Het valt me op dat ik na het Frankrijk-avontuur wat minder tussendoortjes krijg. Jammer, ik was er op ingesteld geraakt. Zuinige menen zijn het, maar ik hou van ze. Woef! Oh, ik schrok, sorry. Daar is de grootste baas! Hup, onder die bank vandaan. Kijken wat er bij hem te halen valt. Van deze hoef ik geen stiekeme snoepjes te verwachten. Hij schijnt de verstandigste te zijn, maar wel saai. Maar hij kan wel lekker aaien.

Ik vind het heerlijk als we weer compleet zijn. Iedereen blij. Vaak gaan we nog met z’n allen naar een speelveld waar de mannen ballen en de meiden (waaronder ik) wat rondhuppelen. Heerlijk! Tijdens het avondeten probeer ik nog wat te scoren maar mijn missie is niet geslaagd. Wel mag ik zoals altijd een paar bordjes in de vaatwasser aflikken. Ik ben er tevreden mee. De kleintjes geven me een laatste knuffel en verdwijnen boven me het donkere gat in. Wat een rust opeens. Oh wacht, de schelle stem is nog beneden. Grote baas is met de kinderen naar boven gegaan. Ik ga met mijn kop op haar voet liggen, maar dat is van korte duur want ze is alweer opgesprongen om vervolgens ook in het donkere gat te verdwijnen.

Ik schrik weer wakker en zie de twee grootste bazen gezellig samen op de bank zitten. Soms ga ik er bij liggen. Vandaag even niet. Maar ze kunnen niet zonder me. ‘Latroooooo,’ hoor ik van verre. Zucht, ik sta op, rek me uit en beweeg me langzaam hun kant op. Voor hun voeten plof ik neer. Ook fijn. Vanavond mag de grootste baas me nog even in het donker op het plein loslaten. Na mijn plasje nestel ik me op het kleed voor de televisie die nu uitstaat. Gelukkig. Ik krijg mijn laatste knuffels van de dag en zal de wacht houden voor dit gezin. Mijn naam is niet voor niets Latro: Latijn voor ‘Ik blaf’. Woef.